Tweede Kamer: digitaal vergaderen mag, bij uitzondering

Tweede Kamer: digitaal vergaderen mag, bij uitzondering

Afgelopen maand heeft de Tweede Kamer een wetsvoorstel aangenomen waardoor het mogelijk is om als raad digitaal te vergaderen. Toch blijft het fysiek samenkomen de norm voor de gemeenteraad.

Een amendement op het wetsvoorstel zorgt ervoor dat de drempel om fysiek te vergaderen hoog komt te liggen. Alleen in uitzonderlijke noodsituaties mag de digitale weg worden gebruikt.

Wetsvoorstel digitale vergaderingen

Met het aannemen van het wetsvoorstel ‘Wet digitaal vergaderen decentrale overheden’ komt er een regeling die het voor gemeenteraden mogelijk maakt om bij uitzondering digitaal te vergaderen en besluiten te nemen. Alleen in situaties waarin fysiek samenkomen echt onmogelijk is, vergelijkbaar met de noodsituaties tijdens de coronapandemie, biedt deze nieuwe wet de juridische basis om rechtsgeldig digitaal te besluiten. Ook zijn er een aantal uitzonderingen van raadsvergaderingen die niet digitaal kunnen, zoals bijvoorbeeld wanneer raadsleden beëdigd worden.

Inperking na amendement

Hoewel het kabinet aanvankelijk een ruimere toepassing voorstelde, is de wet na een aangenomen amendement van de ChristenUnie aanzienlijk ingeperkt. Kern van deze beperking is het amendement van Tweede Kamerlid Mirjam Bikker. Zij stelde dat fysiek vergaderen de gouden standaard moet blijven voor het lokale debat.

Door haar amendement is digitaal vergaderen straks alleen toegestaan bij ‘bijzondere omstandigheden’ die een fysieke bijeenkomst ernstig verhinderen, terwijl de vergadering door zwaarwegend algemeen belang niet kan worden uitgesteld. Hiermee wordt voorkomen dat raden de digitale weg als regulier alternatief gaan gebruiken. Hiermee blijft de drempel voor een digitale vergadering hoog liggen. Het is nu aan de Eerste Kamer om een definitief oordeel te vellen.

Meer informatie

Bekijk het volledige dossier rondom het wetsvoorstel hier.