Politiek begint voor mij niet met een mening, maar met de bereidheid om de ander werkelijk te zien.
Marina Minasian, Papendrecht
Marina Minasian
Gemeente Papendrecht
Raadslid sinds: 2026
Partij: CDA
Hoofdberoep: Klantmanager/Trajectbegeleider Inburgering
Wie ben je en wat motiveerde jou om raadslid te worden?
Ik ben Marina Minasian, raadslid in Papendrecht. Mijn motivatie om raadslid te worden komt voort uit een diep geloof in de kracht van mensen, verantwoordelijkheid en gemeenschap. Mijn eigen levensweg heeft mij geleerd dat achter ieder mens een verhaal schuilgaat dat je niet altijd aan de buitenkant kunt zien. Misschien is dat ook de reden waarom ik in de politiek niet alleen naar cijfers, dossiers en regels wil kijken, maar vooral naar de mens achter het beleid. Raadslid zijn betekent voor mij verantwoordelijkheid nemen voor de plek waar je leeft. Niet omdat je alle antwoorden hebt, maar omdat je bereid bent vragen te stellen, te luisteren en verantwoordelijkheid te dragen voor de keuzes die je samen maakt. Politiek begint voor mij niet met een mening, maar met de bereidheid om de ander werkelijk te zien.
Hoe zorg je voor een goede balans tussen je raadswerk, vrije tijd en overige werkzaamheden?
Raadswerk kan gemakkelijk alles overnemen. Er is altijd een dossier, een vergadering, een gesprek of een onderwerp dat aandacht vraagt. Daarom probeer ik bewust ruimte te houden voor mijn gezin, mijn werk, mijn sociale leven en ook voor momenten waarop ik even niets hoef. Voor mij betekent balans niet dat iedere dag perfect in evenwicht is. Het betekent dat je over een langere periode aandacht houdt voor wat belangrijk is. Ik geloof ook dat afstand nemen onderdeel is van goed politiek werk. Als je voortdurend bezig bent met reageren, luisteren en spreken, loop je het risico jezelf niet meer te horen. Soms is afstand nemen de enige manier om weer helder te kunnen kijken.
Hoe kijk jij naar de positie van de gemeenteraad als lekenbestuur?
Juist het feit dat raadsleden geen beroepspolitici zijn, zie ik als een belangrijke kracht van de lokale democratie. Wij staan met één been in de raadzaal en met het andere in de samenleving. We brengen onze eigen kennis, ervaringen en maatschappelijke blik mee. Een raadslid hoeft niet alles te weten. Wel moet je de bereidheid hebben om je te verdiepen en de moed om te zeggen: dit weet ik niet, leg het mij uit. Voor mij is dat geen zwakte, maar bestuurlijke volwassenheid. De grootste valkuil in de politiek is misschien wel denken dat je gelijk hebt omdat je veel weet. Terwijl wijsheid soms begint bij het besef dat je altijd maar een deel van het verhaal ziet. Een goede raad bestaat daarom niet uit mensen die alles weten, maar uit mensen die bereid zijn te blijven leren.
Op welke manier word je ondersteund in jouw raadswerk?
De griffie is voor mij een belangrijke ondersteuning. De griffier en medewerkers helpen bij het proces, de informatievoorziening en het uitvoeren van het raadswerk. Ook de rekenkamer heeft een belangrijke onafhankelijke functie door onderzoek te doen naar het gemeentelijk beleid. Daarnaast vind ik kennisontwikkeling belangrijk. Trainingen, opleidingen en kennisuitwisseling met andere raadsleden helpen om jezelf voortdurend te blijven ontwikkelen.
Welk thema krijgt binnen jouw gemeenteraad de grootste prioriteit?
Voor mij staat de menselijke maat centraal. Bestaanszekerheid, wonen, veiligheid, zorg, participatie en leefbaarheid zijn geen losse onderwerpen. Ze zijn met elkaar verbonden. Achter een beleidsstuk over wonen staat iemand die een thuis zoekt. Achter bestaanszekerheid staat een gezin dat probeert rond te komen. Achter een veiligheidsvraagstuk staat een inwoner die zich veilig wil voelen in zijn eigen straat. Daarom wil ik niet alleen kijken naar wat financieel of bestuurlijk mogelijk is, maar ook naar de vraag: Wat betekent dit besluit voor het leven van mensen? Een gemeente is uiteindelijk geen verzameling van beleidsvelden, het is een gemeenschap van mensen.
Wat hoop jíj de komende raadsperiode te bereiken?
Ik hoop bij te dragen aan een gemeente waarin inwoners zich gezien, gehoord en serieus genomen voelen. Ik wil mij blijven inzetten voor mensen die niet altijd vanzelfsprekend hun weg naar de politiek of gemeente weten te vinden. En ik wil blijven zoeken naar verbinding tussen inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en de lokale overheid. Maar ik wil deze periode ook gebruiken om zelf te blijven groeien. Raadslid zijn is voor mij geen positie die je bereikt, maar een verantwoordelijkheid waarin je iedere dag opnieuw kunt leren. Dit is ook een van de redenen dat ik mij als lid van de werkgroep belangenbehartiging van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden deze raadsperiode wil inzetten voor de positie van raadsleden en het versterken van de lokale democratie tussen inwoners en de overheid. Ik hoop niet alleen invloed te hebben op besluiten, maar ook te groeien in het dragen van de verantwoordelijkheid die bij die invloed hoort. Uiteindelijk wil ik kunnen terugkijken en zeggen: we hebben niet alleen veel besluiten genomen, maar hebben geprobeerd besluiten te nemen die ertoe deden voor mensen.
Wat kan de raad doen om het vertrouwen van inwoners in de lokale democratie te versterken?
Vertrouwen in de lokale democratie begint voor mij ook bij hoe wij als raadsleden met elkaar omgaan. Woorden hebben kracht. Zeker in de politiek. En misschien nog meer op sociale media. Een uitspraak die in een fractiekamer of raadzaal wordt gedaan, kan op sociale media een eigen leven gaan leiden. Daarom vind ik dat we ons bewust moeten zijn van de verantwoordelijkheid die bij onze woorden hoort. Politieke verschillen mogen scherp zijn. Debat mag stevig zijn. Maar scherpte hoeft niet te veranderen in persoonlijke aanvallen of het beschadigen van elkaar. We zijn elkaars politieke tegenstanders op bepaalde momenten, maar we zijn ook samen onderdeel van dezelfde lokale democratie. Daarom vind ik dat we elkaar als raad ook moeten beschermen. Niet door elkaar politiek uit de wind te houden, maar door een grens te bewaken: kritiek op standpunten en besluiten moet altijd mogelijk zijn, maar de mens achter het politieke standpunt verdient respect. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn om elkaar waardigheid te geven.
Hoe houd jij als raadslid grip op regionale samenwerking?
Regionale samenwerking is noodzakelijk. Veel maatschappelijke vraagstukken houden zich immers niet aan gemeentegrenzen. Maar samenwerking mag voor mij nooit betekenen dat de gemeenteraad op afstand komt te staan. Ik wil daarom weten welke afspraken worden gemaakt, welke belangen worden afgewogen, wat de financiële gevolgen zijn en vooral: wat betekent dit concreet voor Papendrecht en haar inwoners? De raad moet vooraf duidelijke kaders kunnen stellen en achteraf kunnen controleren wat er met die afspraken gebeurt. Samenwerken vraagt vertrouwen, maar democratische controle vraagt dat je blijft doorvragen. Voor mij betekent regionale samenwerking dus niet dat je verantwoordelijkheid overdraagt. Het betekent dat je verantwoordelijkheid samen organiseert, terwijl je als raad je eigen rol blijft vervullen.
Wat zou je als tip aan andere raadsleden willen meegeven?
Als raadslid spreek je nooit helemaal alleen namens jezelf. Je woorden worden gehoord, gedeeld en soms uit hun context gehaald. Zeker op sociale media kan één zin groter worden dan je ooit bedoeld hebt. Daarom vind ik dat we elkaar als raadsleden mogen aanspreken, maar ook voor elkaar mogen opkomen wanneer de grens van respect wordt overschreden. Niet omdat we elkaar politiek moeten beschermen tegen kritiek. Integendeel: stevige politieke kritiek hoort bij democratie. Maar we moeten elkaar wel beschermen tegen het idee dat politiek betekent dat je elkaar persoonlijk mag beschadigen. Politieke moed betekent voor mij niet dat je de hardste woorden gebruikt. Het betekent dat je de waarheid durft te spreken zonder de mens tegenover je te verliezen. We mogen scherp zijn op inhoud, kritisch zijn op besluiten en elkaar stevig bevragen. Maar uiteindelijk zitten we allemaal in diezelfde raadzaal met dezelfde verantwoordelijkheid: iets betekenen voor de gemeenschap. Misschien is dat wel de kunst van politiek: niet minder principieel worden, maar menselijker blijven terwijl je principieel bent. Respect is de kracht waarmee je het oneens kunt zijn zonder elkaar kwijt te raken.