U bent hier

Meer aandacht voor controlerende en kader stellende rol

De gemeenteraad zou zich effectiever moeten bezighouden met haar controlerende en kaderstellende rol. Dit concludeert Jean Schutgens, gemeentesecretaris en gepromoveerd met het proefschrift ‘Met vreemde ogen kijken’.

Het overheidsbeleid heeft sinds de jaren ’90 een grote verandering ondergaan. Door de decentralisatie worden er steeds meer taken uitbesteed aan de gemeente.  Bij evaluatie van het beleid van Limburgse gemeenten tussen 2000 en 2009 blijkt dat er winst behaald kan worden op het gebied van toezicht en het opstellen van kaders. Beide zijn taken van raadsleden.  Zo is de toezichtsfactor op bestuurlijke kwaliteit tekortgeschoten, en was de raad niet in staat haar kaderstellende koers ten opzichte van het gemeentebestuur vast te houden. Schutgens zegt hierover:  ‘Gemeentebesturen bewijzen in hun koers op de middellange of langere termijn teveel lippendienst aan ‘alles en iedereen’. Ze blijken niet uit te munten in selectie en prioritering.’

Kwaliteitsaspecten

Met visitatie bedoelt Schutgens evaluatie. Hij heeft Limburgse gemeenten gekeurd op vier kwaliteiten: ontwerpkwaliteit, proceskwaliteit, beoordelende en concluderende kwaliteit en bruikbaarheid. Concluderend stelt Schutgens dat gemeenten meer geld tot hun beschikking zouden moeten hebben om op de lange termijn strategisch beleid te voeren. Zo zullen de beoordelende en de concluderende kwaliteiten van de gemeente verbeteren. Schutgens voerde zijn onderzoek uit in aansluiting op het onderzoek van de Limburgse bestuurskundige Arno Korsten naar de bestuurskracht van de gemeenten in Limburg.

Het gehele proefschrift van Jean Schutgens is hier te lezen