Raadsacademie vormt goede start voor (kandidaat-)raadsleden
Kandidaten voor het raadslidmaatschap en raadscommissielidmaatschap hebben hun hart kunnen ophalen. In het Zuid-Hollandse Provinciehuis, met zicht op het Haagse Malieveld, kwam op een zaterdagochtend een klein veertigtal mensen bijeen om zich goed voor te bereiden op de verkiezingen én de periode erna.
De bijeenkomst bestond uit een plenaire sessie van professor Hans Vollaard en werd gevolgd door een lunch, de ledenvergadering van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden en een drietal deelsessies.
Lage opkomst verkiezingen
De opkomst op de Raadsacademie was goed te noemen, de opkomst voor de gemeenteraadsverkiezingen is dat al jarenlang niet. Professor Hans Vollaard, verbonden aan de Universiteit Utrecht ging in zijn betoog in op de oorzaken ervan en maakte een vergelijk met lokale verkiezingen elders in Europa; “In 2022 was de opkomst van kiezers erg laag, slechts 51 % kwam een stem uitbrengen. Gemeten na het afschaffen van de stemplicht in de jaren ’70 is dit nu een historisch dieptepunt. Als je het vergelijkt met regio’s of landen om ons heen, scoort Nederland daarmee bijvoorbeeld lager dan Duitsland of Denemarken. Het kan ook nog slechter, dat zie je in Groot-Brittannië; in Engeland of Schotland komen voor gemeenteraden nóg minder mensen naar de stembus.” Vollaard verpakte de inzichten van zijn betoog met de naderende decembermaand als ‘cadeaus’. In de komende weken zullen we Vollaards cadeaus uitpakken en wekelijks een inzicht uitlichten.
Jaarplan vereniging vastgesteld
Na een lunch waarbij (toekomstig) raadsleden uit het gehele land met elkaar konden kennismaken, volgde de ledenvergadering van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. De halfjaarlijkse vergadering staat in het najaar altijd in het teken van vooruitkijken naar het nieuwe verenigingsjaar. Na de aftrap van voorzitter Abdullah Uysal werd het woord gegeven aan directeur Petra Paulides die het jaarplan voor 2026 toelichtte. Tenslotte werd de begroting voor het komende jaar kort doorgelopen. Zowel het jaarplan als de begroting konden op brede steun rekenen. Zonder een tegenstem werden beide documenten vastgesteld.
Overdracht en formatie
Twee onderwerpen waar nog niet ieder raadslid even actief mee bezig is, zijn de overdracht naar de nieuwe raad en de aanpak van de formatie binnen de eigen gemeente. In een interactieve deelsessie gaf Jori Veenman, werkzaam als projectmedewerker bij de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, goede handvatten om tijdig de voorbereiding te treffen. “Zo kan er een overdrachtsdocument vanuit de gehele raad worden opgesteld voor de nieuwe raad. Op deze manier wordt benadrukt dat de raad een gezamenlijk orgaan is. Het collectief komt op deze wijze in actie.” Ook het formatieproces kreeg de aandacht die het verdient; de handreiking voor het formatieproces werd uitgereikt en met gretigheid ontvangen. “Heel veel van wat er wordt gedaan met betrekking tot het formatieproces is gewoonte. Er wordt niet altijd over nagedacht. Het gesprek hierover zou bij uitstek nu moeten worden gevoerd.” besloot Veenman.
Opruimen mentale omgeving
De deelsessie ‘werkdruk’ draaide om het effectief kunnen managen van de beperkte tijd die een raadslid heeft. In deze interactieve sessie ging Bas Hoorn van Timension in op het ‘opruimen’ van de mentale omgeving. Hij legde uit dat het helpt om al je verantwoordelijkheden te bundelen in ongeveer zeven hoofdcategorieën. De deelnemers gingen hier direct mee aan de slag: eerst noteerden zij alles dat in hen opkwam aan verantwoordelijkheden uit hun dagelijks leven. Vervolgens gingen ze deze clusteren tot ongeveer zeven overkoepelende categorieën. Het idee is dat je op deze manier een opgeruimde mentale omgeving creëert en daarmee je cognitieve belasting verlaagt, want besloot Hoorn: “Overzicht begint tussen je oren”.
Een deuk voor de hele raad
Oud-raadslid en huidig organisatieadviseur Christian Berg (WagenaarHoes) stelde tijdens de interactieve deelsessie ‘Weerbaarheid en Integriteit’ de volgende vragen aan de (aspirant-)raadsleden: “Wanneer meld je iets bij de burgemeester?” en “Waardoor kunnen integriteit en weerbaarheid onder druk komen te staan?”. “Eén deuk voor een raadslid is eigenlijk een deuk voor de hele raad,” aldus een deelnemend raadslid. Volgens Van den Berg bepalen de omstandigheden het gedrag en het handelen van raadsleden. Daarom is het belangrijk om jezelf het volgende af te vragen: (1) ben je zorgvuldig bezig, (2) is wat je doet uitlegbaar, en (3) stel je je standvastig op? (Karsing, 2011). Bergs tip aan nieuwe raden: “Besteed minimaal één dagdeel aan de thema’s weerbaarheid en integriteit om ‘gedoe’ te voorkomen.”