U bent hier

Johan Hessing

Johan Hessing

Johan Hessing

Terneuzen
"Het is in vele gevallen de vraag: wie heeft de langste adem?"

Raadslid sinds: maart 2018
Partij: 50PLUS
Hoofdberoep: zelfstandig ondernemer.
Twitter 
LinkedIn 

1. Waarom bent je raadslid geworden?

Bij de vorming van de nieuwe gemeente Terneuzen in 2003 (daarvoor waren er drie gemeenten, Axel, Sas van Gent en Terneuzen), heb ik het initiatief genomen tot de oprichting van een StadsRaad. Met als doel het contact tussen de bevolking van Axel en het college van burgemeester en wethouders te bevorderen en de belangen van de inwoners van Axel te behartigen.
Vanaf de start heeft de Raad uit vijftien leden bestaan en heeft vele zaken onder de aandacht van het college kunnen brengen. Volgens de statuten is het mogelijk om drie periodes een functie te vervullen binnen de StadsRaad. Daarna ben ik aangebleven als adviseur.

Bij de voorbereiding van de verkiezingen in 2018 is aan mij gevraagd of ik niet genegen was de kar te trekken voor de gemeenteraadsverkiezingen ten behoeve van 50PLUS. De uitslag was positief en wij behaalden een zetel in de gemeenteraad. Een voormalig wethouder heeft toen gezegd: “Je was er altijd voor de inwoners, maar nu sta je midden in de arena en kan je nog meer betekenen voor alle inwoners”. Dit laatste is ook wel uitgekomen.

2. De gemeenteraad is het hoogste politieke orgaan. Beleeft je dat ook zo?

Enerzijds wel, maar in de gemeente Terneuzen hebben wij 13 partijen. Vier partijen vormen de coalitie en hebben een meerderheid in de raad. De overige partijen moeten zich wel laten zien en horen om de coalitie te overtuigen. In de praktijk blijkt dat de coalitie veelal het college van burgemeester en wethouders volgt.
Het wordt je niet altijd in dank afgenomen als je je vastbijt in zaken en probeert de onderste steen boven te krijgen. Het is in vele gevallen de vraag: wie heeft de langste adem?

3. Wat is volgens u nodig om de gemeenteraad krachtiger en relevanter te maken?

Zorg dragen dat je kennis van zaken heb en dat je het college van burgemeester en wethouders kan overtuigen dat zij de verkeerde weg zijn ingeslagen en geen rekening houden met de mening van de inwoners. Burgerparticipatie wordt wel geschreven maar in de praktijk komt er weinig van terecht.

4. Wat heeft je raad ondernomen om meer grip op regionale samenwerkingsverbanden en verbonden partijen te krijgen?

Weinig, in vele gevallen laat de raad zich binden aan de leiband van het college van burgemeester en wethouders. In onze situatie zijn er vele samenwerkingsverbanden maar de invloed is nihil. Er worden voorstellen gedaan die door 13 gemeenten in Zeeland moeten worden gedragen. De invloed van de individuele raden is dan ook zeer beperkt.
Samenwerkingsverbanden zouden wij in de situatie van Zeeland moeten beperken tot samenwerkingsverbanden in Zeeuws-Vlaanderen. Daar zijn 3 gemeenten en dan zou de raad veel meer invloed kunnen hebben.

5. Elke gemeente geeft op haar eigen manier invulling aan burgerparticipatie. Kun je het beste voorbeeld uit uw gemeente geven?

In 2019 is de gemeente gestart met een overleg met bewoners uit Zuiddorpe voor de inrichting van het dorpsplein. De wethouder had het initiatief genomen om zoveel mogelijk de bewoners hier bij te betrekken en de zaak van onderaf aan te bespreken.
De ondersteuning die gegeven werd vanuit de gemeente was goed, de ambtenaren hebben meegedacht en voorstellen nader uitgewerkt. Deze inzet is een goed voorbeeld voor burgerparticipatie.

6. Gemeenteraden reserveren minder dan 1% van het gemeentelijk budget voor opleiding, onderzoek en ondersteuning (griffie) door en voor de raad. Is er door jouw raad hiervoor voldoende gereserveerd?

Nee, wij hebben deze aangelegenheid al meerdere keren aangekaart, ook binnen het presidium. Er is een griffier en daarnaast heeft deze een ambtenaar ter ondersteuning. Zaken die worden voorgelegd blijven te lang liggen en worden niet altijd efficiënt afgedaan.
Door Corona hebben wij veel digitaal overleg, ook de fractie. Wij hebben een abonnement genomen op Zoom. Het besluit of dit vergoed zal worden is nog niet genomen. Terwijl de minister van BZK schrijft dat alle kosten veroorzaakt door Corona gedeclareerd kunnen worden.
De fracties ontvangen per jaar €275,-- aan budget, wij willen dit budget verhogen zodat wij in de gelegenheid zijn een stagiair aan te stellen. Deze persoon zou dan zaken kunnen voorbereiden voor de fractie.

"Je was er altijd voor de inwoners, maar nu sta je midden in de arena en kan je nog meer betekenen voor alle inwoners."

7. Als de burgemeester direct gekozen zou worden door de inwoners, wat verandert dit dan volgens jou aan de verhouding tussen de raad en de burgemeester?

De politieke achtergrond van de kandidaat zou dan minder van betekenis zijn. De persoon zal wellicht meer rekening houden met de stem van de inwoners. Nu is het in vele gevallen dat de burgemeester met de wethouders uit één mond willen spreken en er van de zijde van de burgemeester weinig tegengas wordt gegeven.

8. Hoe ervaar je de ondersteuning door de griffie en waar zie je eventuele verbeteringen?

De griffier probeert zijn best te doen, maar hij dient in het geval van de gemeente Terneuzen wel 31 raadsleden te ondersteunen. Terwijl het college van burgemeester en wethouders kunnen beschikken over geheel eigen apparaat.
Fracties kunnen beschikken over de inzet van ambtenaren voor een beperkt aantal uren per jaar. Maar daar geven wij niet de voorkeur aan. Geef de fracties meer budget zodat zij dit zelf kunnen invullen.

9. Stelt jouw gemeenteraad een overdrachtsdocument voor de nieuwe raad na maart 2022 op? Zo ja, wat zou jij de nieuwe gemeenteraad willen meegeven in een overdrachtsdocument?

Bij aanvang in 2018 hebben wij een handboek ontvangen waarin alle regelingen en verordening zitten die betrekking hebben op de raad, het college en het raadslid. Maar geen overzicht van lopende zaken. Er dient een overdrachtsdocument te komen van alle zaken die aangekaart zijn maar nog niet zijn afgedaan. Maar in de regel is de term “na ons de zonvloed” wel toepasselijk.

10. Welke factoren bepalen voor jou de keuze om wel of niet door te gaan als raadslid bij de komende verkiezingen?

Vanaf 2018 heb ik mij ingezet voor de inwoners. Volksvertegenwoordiger, dat ben ik en wil ik zijn. Als er vanuit de bevolking onvoldoende draagvlak is om dit voort te zetten dan moet je de vraag stellen wat is de toegevoegde waarde voor mij als raadslid. De uitslag van de verkiezingen en de stemmen op de partij zullen dus bepalend zijn.

11. Als je doorgaat, ben je dan beschikbaar als wethouder?

Als je beschikbaar bent voor de partij dan zou je in principe ook beschikbaar moeten zijn om een bestuurlijke functie te vervullen. Echter zal dit afhangen van met welke partijen er een coalitie wordt gevormd en welke personen de rol van wethouder hierin zullen vervullen. Als je een overeenkomst aangaat voor vier jaar wil je wel weten met wie. Verder dient jouw kandidatuur ook gedragen te worden door de raad. Vertrouwen is de eerste start.

12. Terugblikkend op je hele raadslidmaatschap, op welke van je prestaties ben je het meest trots? Wat vind je tot nu toe je beste prestatie?

De belangen van de inwoners en deze vertalen in de commissies en de raad. Het financiële beleid van de gemeente om niet meer uit te geven dan dat er binnenkomt en niet de tekorten afwentelen op de burgers. Nauwlettend de financiën van de gemeente volgen en zorgen dat er ook middelen zijn voor de toekomst. Niet denken “dat komt wel”. Te vaak worden er beslissingen genomen op de korte termijn terwijl niet gekeken wordt naar de effecten op langere termijn.

13. Wat is de beste tip die je een nieuw raadslid zou geven?

  • Als je hoogtevrees hebt moet je geen werkzaamheden verrichten op hoog niveau.
  • Als je niet van mensen houdt en geen tijd wil vrij maken om met burgers te overleggen en opziet tegen vergaderingen die soms uit kunnen lopen, begin er dan niet aan.
  • Raadslid zijn vraagt veel tijd en inzet en dat doe je niet op een achternamiddag. Lezen, schrijven en bezoeken. Daarnaast moet je er ook nog plezier aan beleven. Een geldelijke vergoeding is leuk maar moet niet de drijfveer zijn.