U bent hier

Janice Meerenburgh

Janice Meerenburgh

Losser
"De kunst is om dingen aan je voorbij te laten gaan: choose your battles."

Naam: Janice Meerenburgh
Raadslid in de gemeente: Losser
Raadslid sinds: 2018 (nu 2e termijn)
Partij: VVD
Hoofdberoep: Programma manager bij de Politie

Facebook
LinkedIn

Waarom ben je raadslid geworden?

Ik heb Bestuurskunde gestudeerd. En altijd bij de overheid gewerkt. Bij de gemeente, brandweer (later Veiligheidsregio) en nu de politie. Ik zag en zie dagelijks hoe de politiek/bestuurlijke wereld en ambtelijke uitvoering elkaar raken. Ik wilde gewoonweg meer snappen van die politiek/bestuurlijke wereld. Om zo beter te worden in het verbinden van die werelden. En dat kan volgens mij het beste als je er onderdeel van uitmaakt.

Tegelijkertijd vind ik dat als je een mening hebt, je die niet vanaf de zijlijn kunt blijven roepen. Met opgroeiende kinderen in een dorp, een groot sociaal netwerk en in mijn werk zie ik veel om mij heen (niet) gebeuren, waar ik iets van vind. Wat stroef loopt en beter kan. Of waar kansen liggen. Daar wil ik een bijdrage aan leveren. Als lid van, in dit geval, de gemeenteraad.

De gemeenteraad is het hoogste politieke orgaan. Beleef je dat ook zo?

Niet altijd. Ja, er wordt veel voorgelegd waar je een besluit over moet nemen. Maar soms lijkt het op ‘tekenen bij het kruisje’, of voelt het als ‘voldongen-feiten-autonomie’. Daarmee bedoel ik: soms wordt het gepresenteerd alsof je als individuele gemeente nog veel beleidsvrijheid hebt, terwijl dat in werkelijkheid niet zo is. Te denken aan de invulling van de klimaatdoelstellingen.

Het is ook wel eens zo dat je deel uit maakt van een (regionale) samenwerkingsconstructie, waar jouw ‘nee’ en bezwaren tegenover alle ‘ja’s’ van andere gemeenten (vaak al besproken op collegetafels) niets wezenlijks meer uitmaakt. De ‘what’s in it for me’ is soms ver te zoeken, terwijl we aan onze inwoners wel moeten vertellen dat het goed is om mee te doen. Ik zie het als een spel dat we als raad nog beter samen moeten leren spelen.

Wat is volgens jou nodig om de gemeenteraad krachtiger en relevanter te maken?

Heldere positionering. En het kennen van die positie. Ga je erover, dan besluit je ook.

Doe je dat in een netwerkconstructie (zoals een regionaal samenwerkingsverband), dan moet vooraf voor iedereen helder zijn wat de spelregels daarin zijn en hoe we ons als deelnemende gemeente tot andere spelers verhouden. Netwerk-werken in zo’n regionale constructie is volgens mij ècht anders dan handelen op dat ene postzegelplan. Het gaat dan om geven en nemen, elkaar wat gunnen, vertrouwen, winst en verlies bekijken op korte en langere termijn en over hoe je je integriteit bewaakt.

Dat laatste vergt netwerkbewustzijn van ons als raadsleden: voor je het weet kom je met ‘je vingers tussen de deur’ omdat er toch wat dubieuze partijen een rol van betekenis spelen in dat netwerk. Ik denk dat dit soort handelen in complexe netwerkcontext ook voor raden steeds gebruikelijker wordt: vraagstukken op terreinen zoals energie, ruimtegebruik en sociaal domein hangen meer en meer met elkaar samen. Het aantal stakeholders met dito aantal belangen neemt toe. Daar gun ik het onszelf om op te ontwikkelen.

Wat voor type volksvertegenwoordiger ben jij?

Ik hoop dat ik vooral toegankelijk ben voor de mensen in mijn gemeente. Ik heb oog voor wat feitelijk kan en mag, maar vind de onderstroom – voelt iets goed- evenzo belangrijk. Voor mij is een toetssteen: kan ik het op een verjaardag uitleggen? Ik heb een hekel aan de verruwing van het debat: op de man spelen in plaats van op de bal. Ik zoek altijd naar een constructieve samenwerking en een reactie die mensen ‘heel’ houdt en ook op lange termijn nog helpt.

En, ik houd wel van beweging, vooruitgang en ontwikkeling. Het mag daarin soms best schuren. Dat helpt ons scherp te houden.

Stelling: ieder raadslid moet in de raads- en commissievergadering kunnen zeggen wat hij/zij wil.

Op de inhoud moet dat zeker kunnen. Met meerdere invalshoeken wordt de kans op blinde vlekken kleiner. Rake vragen over en weer geven beter inzicht in de bedoeling, in aannames en in overtuigingen. Zo kun je goed afwegen. Maar het is wel de toon die de muziek maakt. Met mildheid en respect naar elkaar kom je altijd verder.

Hoe houd je grip (of verwacht je grip te houden) op de enorme stukken- en informatiestroom van het college?

Ik vind dat we hele goede ambtenaren hebben. Als raadslid ben ik geen ‘superambtenaar’; ik hoef hun werk niet ‘over’ te doen. Dat betekent dat ik stukken en info niet ‘fileer’.

In Losser kennen we het BOB-model. Als iets netjes de cyclus van (oriëntatie) Beeldvorming, Oordeelsvorming en Besluitvorming doorloopt, krijg je veel momenten om –wat ik noem- ‘sleutelvragen’ (wat is anders, waarom nu, wat kost het, past dat in de financiële afspraken, wie wordt geraakt?) te stellen en antwoorden te krijgen die je nodig hebt voor jouw besluit of informatiepositie.

Ook het inschakelen van mensen uit de fractie die het leuk vinden ergens in te duiken of er al verstand van hebben, helpt mij als raadslid enorm om de werklast behapbaar te houden. Je hoeft niet alles zelf te doen.

Tenslotte is het soms de kunst van dingen aan je voorbij laten gaan: choose your battles.

Wat heeft je raad ondernomen om meer grip op regionale samenwerkingsverbanden en maatschappelijke organisaties te krijgen?

In Twente kennen we de Twenteraad, een platform voor Twentse raadsleden om met elkaar informatie uit te wisselen of te sparren over onderwerpen die regiobreed spelen. Een presidium bereidt deze thema’s en bijeenkomsten voor. De afgelopen vier jaar heb ik deel uitgemaakt van dat presidium en mij in het bijzonder ingezet voor betrokkenheid van de raden bij de RES, de regionale energiestrategie.

Met het opzetten van een initiatiefgroep van Twentse raadsleden (voor korte onderlinge lijntjes) en door invloed uit te oefenen op het proces van besluitvorming (in twee rondes: eerst consultatie van raden, dan pas besluitvorming) probeerden we in klein comité een groot ingewikkeld regionaal thema, dichterbij raden te halen. Zodat onze raadsleden wisten waarover zij eigenlijk besloten en wat van hen, op welk moment verwacht werd. Beter in positie brengen van de raden: daar ging het ons om.

Het zou mooi zijn als we dit soort alertheid en samenwerking doorzetten. Ook op andere dossiers, zoals economie, ruimtegebruik en wonen. Samen ben je sterker, creëer je awareness en kansen. Als de ene gemeente groeiambities heeft en een ander vooral inzet op het voorzien in woonruimte voor eigen inwoners omdat dat voor hen het grote vraagstuk is, dan ligt in een goed gesprek onderling zomaar een mooie kans om de regio als geheel te kunnen ontwikkelen.

De Provincie zou daarin kunnen helpen. Zij ziet als geen ander deze overstijgende thema's op ons afkomen.

Elke gemeente geeft op zijn eigen manier invulling aan burgerparticipatie. Kun je het beste voorbeeld uit je gemeente geven?

De afgelopen tijd hebben wij veel geïnvesteerd in de ontwikkeling van de Losserse dorpscentra. Dorpsraden, ondernemersverenigingen en inwoners zijn daar nauw bij betrokken. Via informatiebijeenkomsten, inloopmiddagen en via het regelmatige directe gesprek tussen bestuurders en deze partijen.

De kunst zit ‘m, denk ik, in de verwachtingen die je als gemeente wekt. Want, van informeren tot meebeslissen; het is allemaal ‘burgerparticipatie’. Alleen, een inwoner die jij wilt informeren, maar die zelf denkt dat ie mag mee-besluiten, komt van een koude kermis thuis. Ik denk dat we dit ‘verwachtingsmanagement’ bij de aanpak van onze centra goed hebben gedaan. Maar eerlijk is eerlijk, ik kan ook voorbeelden oplepelen waar dat nog niet zo fijn verliep.

 

‘Houd mensen ‘heel’: je kunt best een keertje uit de bocht vliegen. Maar niet keer op keer.’

 

Stelling: de voorzitter van de gemeenteraad is en moet de burgemeester blijven.

Volgens mij is het verstandig dat een neutrale voorzitter de raadsdebatten in goede banen kan leiden. Iemand die boven de partijen kan staan als het nodig is, maar meestal als ‘haarlemmerolie’ tussen de partijen staat. De burgemeester als voorzitter voelt voor mij het meest logisch. In het systeem, in de uitstraling van het gezag, in de symboliek en in de ordening. Bovendien: wie anders?

Hoe ervaar je de ondersteuning door de griffie en waarom trekt jouw gemeenteraad geen extra budget uit voor een ruimere ondersteuning door de griffie?

De lijnen met de griffie zijn kort. Ik ervaar hen als erg dienstbaar aan de gemeenteraad. Fijne mensen waar je altijd terecht kunt, die meedenken, ons inspireren, en die vanuit de ‘we maken het mogelijk’-houding acteren.

Onze raad heeft vanaf boekjaar 2022 60.000 euro meer ter beschikking gesteld voor griffie-ondersteuning. Daar betalen we nu een extra raadsondersteuner van. De ondersteuning van het democratisch proces is belangrijk, daarom hebben we er extra in geïnvesteerd.

Wat doet jouw raad zodat vrouwen en mensen met een migratieachtergrond meer invloed op de besluitvorming krijgen?

Onze raad vindt het belangrijk dat iedereen die dat wilt, invloed op besluitvorming heeft. We proberen via onze eigen achterbannen onze volksvertegenwoordigende rol zo goed als mogelijk in te vullen.

We proberen zo zeker niet alleen de harde roepers te horen. Iedereen heeft zijn eigen formele en informele netwerken om zich heen om signalen op te halen of iets te toetsen. Daarin zitten ook mensen van verschillende doelgroepen die zich misschien niet zo snel publiek laten horen of zien. Die voelsprieten in je gemeente zijn juist hierom erg belangrijk.

Wat is je belangrijkste speerpunt als raadslid in de komende raadsperiode?

We zitten in de oppositie. De vorige keer in de coalitie. Dus dat is even anders. Een nieuwe ervaring voor mij.

Ik ga op de inhoud samen met mijn collega-raadslid van de VVD alles eraan doen onze beloftes aan onze kiezers waar te maken. Daarvoor hebben zij op ons gestemd, en die stem is wat waard. Een financieel gezond Losser met voldoende aantrekkelijkheid voor starters en jonge gezinnen is mijn specifieke aandachtspunt.

Daarnaast blijf ik mij inzetten voor een raad die haar positie kent en eigenaarschap toont in regionale kansen en vraagstukken.

Wat is de beste tip die je een nieuw raadslid zou geven?

‘Ga altijd voor de reactie die je op langere termijn ook dient’. ‘Houd mensen ‘heel’: je kunt best een keertje uit de bocht vliegen. Maar niet keer op keer.’

Tenslotte, een advies dat ik ooit van een helaas te jong overleden politie-collega kreeg toen ik in de media verkeerd werd geciteerd. Hij zei; ‘Maak je niet zo druk, morgen rollen ze de vis er weer in’. En vaak is het zo. Dat je het zelf heel erg vindt maar een week later niemand het er meer over heeft. Wees een beetje aardig voor jezelf!

 

Iemand voordragen als Raadslid van de Week? Laat ons met een korte motivatie weten wie het verdient via info@raadsleden.nl!